2 Samuël 24
Volkstelling en straf 1 De toorn desHerenontbrandde weer tegen Israël; Hij zette David tegen hen op en zeide: Ga, tel Israël en Juda. 2 Toen zeide de koning tot de…
Volkstelling en straf 1 De toorn desHerenontbrandde weer tegen Israël; Hij zette David tegen hen op en zeide: Ga, tel Israël en Juda. 2 Toen zeide de koning tot de…
Salomo’s troonsbestijging 1 Koning David nu was oud en hoogbejaard, en hoewel men hem met dekens toedekte, werd hij niet warm. 2 Toen zeiden zijn dienaren tot hem: Men zoeke…
Salomo’s eerste regeringsdaden 1 Toen de dagen van Davids sterven naderden, gebood hij zijn zoon Salomo: 2 Ik sta op het punt de weg der gehele aarde te gaan, wees…
Salomo’s bede om wijsheid 1 En Salomo verzwagerde zich met Farao, de koning van Egypte; hij nam namelijk Farao’s dochter en bracht haar in de stad Davids, totdat hij de…
Salomo’s vorsten en landvoogden 1 Koning Salomo was dus koning over geheel Israël. 2 Dit waren zijn vorsten: Azarja, de zoon van Sadok, was de priester; 3 Elichoref en Achia,…
De toebereidselen tot de bouw van de tempel 1 Chiram nu, de koning van Tyrus, zond zijn dienaren naar Salomo, omdat hij gehoord had, dat men hem tot koning gezalfd…
Salomo’s tempelbouw 1 In het vierhonderd tachtigste jaar na de uittocht der Israëlieten uit het land Egypte, in het vierde jaar van Salomo’s regering over Israël, in de maand Ziw,…
Salomo’s paleis 1 Maar over zijn eigen huis bouwde Salomo dertien jaar; toen had hij zijn gehele huis voltooid. 2 Hij bouwde namelijk het huis: Woud van de Libanon, honderd…
De inwijding van de tempel 1 Toen vergaderde Salomo de oudsten van Israël en al de stamhoofden, de familievorsten der Israëlieten, tot koning Salomo te Jeruzalem, om de ark van…
De tweede verschijning des Heren aan Salomo 1 Toen Salomo de bouw van het huis desHerenen van het huis des konings voltooid had, en alles wat Salomo begeerd had te…