Job 41
1 Niemand is zo vermetel, dat hij hem zou durven tergen; wie is het dan, die voor Mij kan standhouden? 2 Wie zou Mij tegemoet treden, die Ik ongedeerd zou…
1 Niemand is zo vermetel, dat hij hem zou durven tergen; wie is het dan, die voor Mij kan standhouden? 2 Wie zou Mij tegemoet treden, die Ik ongedeerd zou…
Job herroept en doet boete 1 Toen antwoordde Job deHere: 2 Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen uwer plannen wordt verijdeld. 3 „Wie is het toch, die…