Job 11
Sofars eerste rede: Job verootmoedige zich voor de alwetende God 1 Toen nam de Naämatiet Sofar het woord en zeide: 2 Zou een woordenvloed onbeantwoord blijven, en een woordenkramer gelijk…
Sofars eerste rede: Job verootmoedige zich voor de alwetende God 1 Toen nam de Naämatiet Sofar het woord en zeide: 2 Zou een woordenvloed onbeantwoord blijven, en een woordenkramer gelijk…
Jobs eerste antwoord aan Sofar: Gods bestuur schijnt willekeurig 1 Maar Job antwoordde: 2 Waarlijk, gij zijt nog eens mensen: met u zal de wijsheid uitsterven. 3 Ook ik heb…
Jobs eerste antwoord aan Sofar (vervolg): Job wil zijn zaak aan God voorleggen 1 Zie, alles heeft mijn oog gezien, mijn oor gehoord en in zich opgenomen. 2 Wat gij…
Jobs eerste antwoord aan Sofar (slot): Na de dood geen verwachting meer 1 De mens, uit een vrouw geboren, is kort van dagen en zat van onrust. 2 Als een…
Elifaz’ tweede rede: Hij handhaaft, dat de goddeloze te gronde gaat 1 Toen nam de Temaniet Elifaz het woord en zeide: 2 Brengt een wijze ijdele kennis voort, en vult…
Jobs tweede antwoord aan Elifaz: Hij beroept zich op God tegen God 1 Maar Job antwoordde: 2 Iets dergelijks heb ik al vaak gehoord, gij zijt allen jammerlijke vertroosters. 3…
Jobs tweede antwoord aan Elifaz (vervolg): Hij verwacht van het leven niets meer 1 Mijn leven is verwoest, mijn dagen zijn uitgeblust, mij rest slechts het graf. 2 Voorwaar, bespotting…
Bildads tweede rede: De goddeloze gaat zeker te gronde 1 Toen nam de Suchiet Bildad het woord en zeide: 2 Hoelang zult gij met woorden strikken zetten? Wanneer gij verstandig…
Jobs tweede antwoord aan Bildad: Ondanks alles is zijn hoop op God 1 Maar Job antwoordde: 2 Hoelang nog zult gij mijn ziel grieven en mij met woorden verbrijzelen? 3…
Sofars tweede rede: Na korte voorspoed komt de goddeloze om 1 Toen nam de Naämatiet Sofar het woord en zeide: 2 Nu dwingen mijn gedachten mij toch tot een antwoord,…