Danklied voor de oogst
1 Voor de koorleider. Bij snarenspel. Een psalm. Een lied.
2 God zij ons genadig en zegene ons,
Hij doe zijn aanschijn bij ons lichten;sela
3 opdat men op aarde uw weg kenne,
onder alle volken uw heil.
4 Dat de volken U loven, o God;
dat de volken altegader U loven.
5 Dat de natiën zich verheugen en jubelen,
omdat Gij de volken in rechtmatigheid richt,
en de natiën op de aarde leidt.sela
6 Dat de volken U loven, o God,
dat de volken altegader U loven.
7 De aarde gaf haar gewas,
God, onze God, zegent ons;
8 God zegent ons,
opdat alle einden der aarde Hem vrezen.